BB&T rapporteert recordinkomsten voor 2010; Winst per aandeel voor het vierde kwartaal bedraagt USD 0,30, een stijging van 11%; Netto inkomsten namen met 12% toe

26 Jan, 2011, 23:55 GMT Van BB&T Corporation

WINSTON-SALEM, Noord-Carolina, January 26, 2011 /PRNewswire/ --

- Kredietontwikkelingen verbeteren over de gehele linie

- C&I-leningen nemen toe in het 4de kwartaal

BB&T Corporation (NYSE: BBT) heeft vandaag de inkomsten aangekondigd voor het vierde kwartaal van 2010. De netto inkomsten beschikbaar voor gewone aandeelhouders bedroegen USD 208 miljoen of USD 0,30 per verwaterd gewoon aandeel, in verhouding tot USD 185 miljoen of USD 0,27 per verwaterd gewoon aandeel verdiend tijdens het vierde kwartaal van 2009. Deze resultaten weerspiegelen stijgingen van respectievelijk 12,4% en 11,1%.

"We zijn tevreden dat we voor 2010 recordinkomsten, een aanzienlijke vooruitgang in onze inspanningen om de balans te diversifiëren en een algemene verbetering van krediettrends in het vierde kwartaal kunnen rapporteren," vertelt Voorzitter en Algemeen Directeur Kelly S. King. "Inkomsten bedroegen voor 2010 USD 9,4 miljard, een stijging van 5,8% in verhouding tot vorig jaar."

"Ons bedrijf heeft dit kwartaal een aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de diversificatie uit een concentratie van vastgoedleningen," vertelt King. "De gemiddelde C&I-leningen namen in verhouding tot het derde kwartaal op jaarbasis toe met 6,9%, terwijl de balansen van bouw- en andere vastgoedleningen overeenkomstig onze strategie aanzienlijk afnamen. We slaagden er ook in om tijdens dit kwartaal de auto-, hypotheek- en creditcardleningen te doen toenemen. Bovendien vertoonden onze autoleningen dit jaar een recordproductie en december was de meest productieve maand voor commerciële leningen in de geschiedenis van BB&T."

"We boekten een grote vooruitgang in onze langetermijnstrategie om de depositomix te verbeteren en de kosten te beperken door goedkopere transactierekeningen na te streven," verklaart King. "Onze gemiddelde niet-rentedragende betaalrekeningen namen toe met 18% en de gemiddelde totale transactierekeningen namen in verhouding tot hetzelfde kwartaal van het voorgaande jaar met 19% toe. We verbeterden onze mix van niet-rentedragende deposito's tot 21% van de cliëntendeposito's aan het jaareinde van 2010 in verhouding tot 18% aan het jaareinde van 2009."

"Onze kredietvooruitzichten zijn in verhouding tot het vorige kwartaal opmerkelijk verbeterd. We zagen doorheen het hele jaar, met een piek in het tweede kwartaal van 2010, een gestage verbetering van de meeste maatstaven en dit kwartaal zagen we een daling van praktisch alle kredietkosten. Onze strategie om de verwijdering van problematische activa op te drijven, wordt op efficiënte wijze uitgevoerd doordat we dit kwartaal voor ongeveer USD 600 miljoen aan problematische activa hebben verkocht. Gelet op de daling in dit kwartaal van onrendabele activa, herstructureringen van problematische schulden, instroom van onrendabele activa, achterstallige leningen en onze watchlist, hebben we aan het begin van 2011 opmerkelijk meer vertrouwen in de richting van het krediet."

"Ten slotte ben ik zeer trots op de steun van onze werknemers aan BB&T's missie om onze klanten en gemeenschappen te bedienen door het economische herstel op onze markten te ondersteunen," merkt King op. "We verstrekten tijdens het vierde kwartaal USD 20,9 miljard aan krediet, een stijging van 54% op jaarbasis in verhouding tot het derde kwartaal; De SBA noemde ons de meest actieve kredietverlener in onze kernmarkten Noord-Carolina en Virginia in 2010; en we zijn van plan om in 2011 honderden nieuwe krachten aan te werven. We zijn optimistisch dat de economische vooruitgang en groei in 2011 zal toenemen en BB&T zal blijven samenwerken met onze klanten om die groei te ondersteunen."

    
    De hoogtepunten van de prestaties luiden:
    
    - Beste jaarinkomsten ooit
      -- BB&T behaalde voor 2010 recordinkomsten op FTE-basis van in totaal
         USD 9,4 miljard voor 2010, een stijging van 5,8%
      -- Inkomsten voor belasting voor provisie bedroegen USD 3,6 miljard
      -- Inkomsten voor belasting voor provisie namen met 18,1% toe op een 
         samengestelde jaarbasis over 15 jaar

    - Gemiddelde C&I-leningen namen toe met 6,9% in verhouding tot hetzelfde
      kwartaal van vorig jaar
      -- Gemiddelde totale leningen en leases aangehouden voor belegging,
         exclusief de impact van de run-off van bouwleningen en gedekte
         leningen, namen toe met USD 1,3 miljard of 5,5% op jaarbasis voor
         het vierde kwartaal in verhouding tot het derde kwartaal van 2010
      -- Leninggroei nam in verhouding tot hetzelfde kwartaal van het
         voorgaande jaar toe met 28,7% voor gemiddelde hypothecaire leningen,
         met 6,3% voor gemiddelde verkoopsfinancieringsleningen en met 7,4%
         voor gemiddelde doorlopende kredietleningen

    - Gemiddelde deposito's namen toe met USD 2,1 miljard of 8,0% in
      verhouding hetzelfde kwartaal van het voorgaande jaar
      -- Niet-rentedragende deposito's namen toe met 18,3% en
         transactierekeningen namen toe met 19,0% in verhouding tot hetzelfde
         kwartaal van het voorgaande jaar
      -- Netto nieuwe transactierekeningen namen met meer dan 110.000 toe in
         2010, een stijging van 95% in verhouding tot 2009
      -- Niet-rentedragende deposito's namen toe tot 21% van de
         cliëntendeposito's aan het jaareinde van 2010 in verhouding tot 18%
         aan het jaareinde van 2009
      -- Depositokosten werden verminderd tot 0,90% in het vierde kwartaal in 
         verhouding tot 1,23% in het vierde kwartaal van vorig jaar

    - Kredietmetriek van het gekoppelde kwartaal verbeterde over de gehele
      linie
      -- Onrendabele activa namen af met 4,2%, het derde opeenvolgende
         kwartaal met lagere onrendabele activa
      -- Rendabele herstructureringen van problematische schulden namen af
         met 9,9%
      -- Instroom van onrendabele activa nam af met USD 130 miljoen of 10,2%
         op een gekoppelde kwartaalbasis
      -- Achterstallige leningen namen af met 11,5%, exclusief de gedekte en
         door de overheid gegarandeerde leningen
      -- Netto oninbare schulden, exclusief gedekte leningen, bedroegen 2,15%
         voor het kwartaal
      -- BB&T verkocht tijdens het kwartaal voor ongeveer USD 600 miljoen aan
         problematische activa
      -- Management verwacht in de komende kwartalen een blijvende daling van
         de kredietkosten

    - BB&T's kapitaalniveaus bleven hoog en verbeteren nog steeds
      -- Kernkapitaal verbeterde tot 7,1%
      -- Tier 1 gewone aandelen verbeterden tot 9,1%
      -- Op risico gebaseerd Tier 1 kapitaal verbeterde tot 11,8%
      -- Hefboomkapitaal bleef sterk op 9,1%

    - Netto rente-inkomsten en rentemarge bleven gezond
      -- Netto rente-inkomsten op een FTE-basis namen toe met 9,9% voor het
         jaar in verhouding tot 2009
      -- Netto rente-inkomsten (FTE) voor het vierde kwartaal namen met 1,0%
         toe in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009
      -- De netto rentemarge was 4,04% voor het vierde kwartaal, een stijging
         van 24 basispunten in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009 en
         een daling van 5 basispunten in verhouding tot het laatste kwartaal

    - BB&T bleef de economie ondersteunen
      -- We verstrekten in het vierde kwartaal USD 20,9 miljard aan
         leningproductie, een stijging van 54% op jaarbasis in verhouding tot
         het derde kwartaal
      -- We zijn van plan om in 2011 honderden inkomstenproducenten aan te
         werven


    HOOGTEPUNTEN VAN INKOMSTEN                     Verandering  Verandering
    (dollars in miljoenen, behalve                     K4 10      K4 10
     gegevens per aandeel)         K4     K3     K4      vs.        vs.
                                   2010   2010   2009  K3 10      K4 09
                                   ----   ----   ----   -----     -----
    
    Netto inkomsten 
    beschikbaar voor
     gewone aandeelhouders         $208   $210   $185    $(2)      $23
    Verwaterde winst per 
    gewoon aandeel                 0,30   0,30   0,27     --      0,03
    
    Netto rente-
    inkomsten - belastbare
     equivalent                  $1.369 $1.347 $1.355     $22      $14
    Niet-rentedragende inkomsten    964  1.110    970    (146)      (6)
                                    ---  -----    ---    ----      ---
    Totale inkomsten             $2.333 $2.457 $2.325   $(124)      $8
                                 ====== ====== ======   =====      ===
    
    Rendement op gemiddelde
     activa (%)                    0,54   0,56   0,47   (0,02)    0,07
    Rendement op gemiddeld 
    eigen vermogen
     van gewone aandeelhouders (%) 4,88   4,91   4,52   (0,03)    0,36
    Netto rentemarge - belastbare
     equivalent (%)                4,04   4,09   3,80   (0,05)    0,24
    Efficiëntieratio (1) (%)       55,3   54,1   51,4     1,2      3,9
    
    (1)  Exclusief winsten (verliezen) uit effecten, kosten van geëxecuteerde
    panden, aflossing van immateriële vaste activa, fusiegerelateerde en
    herstructureringskosten, de invloed van boekhouding van verliesdeling
    door het FDIC, en andere geselecteerde items. Zie non-GAAP-aansluitingen
    op bladzijde 23 van het Overzicht Kwartaalprestaties.

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van vierde kwartaal 2009

De geconsolideerde netto inkomsten beschikbaar voor de gewone aandeelhouders voor het vierde kwartaal van 2010 van in totaal USD 208 miljoen namen toe met 12,4% in verhouding tot USD 185 miljoen tijdens dezelfde periode in 2009. Op basis van verwaterde winst per gewoon aandeel waren de inkomsten voor het vierde kwartaal van 2010 USD 0,30, een stijging van 11,1% in verhouding tot USD 0,27 voor dezelfde periode van 2009. BB&T's resultaten van de activiteiten voor het vierde kwartaal van 2010 toonden een rendement op jaarbasis van gemiddelde activa van 0,54% en een rendement op jaarbasis van het gemiddeld eigen vermogen van de gewone aandeelhouders van 4,88% in verhouding tot de ratio's in het voorgaande jaar van respectievelijk 0,47% en 4,52%.

De totale inkomsten waren USD 2,3 miljard voor het vierde kwartaal van 2010, een lichte stijging in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009. De stijging van de totale inkomsten was het gevolg van hogere netto rente-inkomsten, terwijl de netto rentemarge voor het vierde kwartaal van 2010 24 basispunten verbeterde in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009. De verbetering van de netto rentemarge weerspiegelt hogere opbrengsten van leningen verworven door de overname van Colonial en door lagere depositokosten. Rente-inkomsten op gedekte en andere verworven activa namen toe met USD 128 miljoen, waarvan de meerderheid gecompenseerd wordt in de inkomsten uit de verliesdeling door het FDIC. De netto rente-inkomsten namen aan een trager tempo toe als gevolg van een daling van de gemiddelde winstgevende activa van USD 6,9 miljard als gevolg van de afbouwstrategie van de schuldpositie op de balans die in het tweede kwartaal van 2010 werd uitgevoerd. Niet-rentedragende inkomsten waren iets lager in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009, terwijl hogere netto effectenwinsten van USD 100 miljoen werden gecompenseerd door een daling van USD 43 miljoen van de servicekosten voor depositorekeningen en USD 62 miljoen van verliezen en afschrijvingen van commerciële leningen aangehouden voor verkoop.

Het management voltooide zijn strategie om tijdens het vierde kwartaal van 2010 de risico's van de beleggingseffectenportefeuille af te bouwen.In afwachting van stijgende prijzen verkocht het management voor ongeveer USD 6,1 miljard aan door hypotheken gedekte overheidseffecten van overheidsbedrijven en verving ze door effecten met een kortere looptijd en effecten met variabele rente. Daarenboven verkocht het management voor ongeveer USD 400 miljoen aan door hypotheek gedekte niet overheidseffecten om mogelijke toekomstige kredietverliezen te beperken.

De provisie voor kredietverliezen, exclusief gedekte leningen, voor het vierde kwartaal van 2010 nam af tot USD 182 miljoen of 25,1% in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009 doordat verbeterend krediet resulteerde in lagere provisiekosten. De provisie voor gedekte leningen nam toe met USD 100 miljoen, wat gecompenseerd werd door een overeenstemmende stijging van USD 80 miljoen van inkomsten uit verliesdeling door het FDIC. Netto oninbare schulden voor het vierde kwartaal van 2010 waren USD 50 miljoen hoger dan voor het vierde kwartaal van 2009, gedeeltelijk door USD 26 miljoen aan oninbare schulden als gevolg van de blijvende strategie voor de verwijdering van onrendabele activa. In het algemeen verbeterde het niveau van onrendabele activa en achterstallige vorderingen op leningen en de vooruitzichten voor toekomstige kredietverliezen zijn beter.

Een provisie van USD 15 miljoen voor inkomstenbelastingen werd vastgesteld voor het vierde kwartaal van 2010 in verhouding tot USD 13 miljoen voor het vierde kwartaal van 2009. Dit resulteerde voor het vierde kwartaal van 2010 in een effectief belastingtarief van 6,5% in verhouding tot 6,3% voor het vierde kwartaal van het voorgaande jaar.

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van derde kwartaal 2010

De geconsolideerde netto inkomsten beschikbaar voor de gewone aandeelhouders voor het vierde kwartaal van 2010 van in totaal USD 208 miljoen bleven gelijk in verhouding tot USD 210 miljoen tijdens het derde kwartaal van 2010. Op basis van verwaterde winst per gewoon aandeel, waren de inkomsten voor het vierde kwartaal van 2010 USD 0,30, gelijk aan het bedrag verdiend in het derde kwartaal van 2010. BB&T's resultaten van de activiteiten voor het vierde kwartaal van 2010 toonden een rendement op jaarbasis van gemiddelde activa van 0,54% en een rendement op jaarbasis van het gemiddeld eigen vermogen van de gewone aandeelhouders van 4,88% in verhouding tot de ratio's in het voorgaande kwartaal van respectievelijk 0,56% en 4,91%.

De totale inkomsten waren USD 2,3 miljard voor het vierde kwartaal van 2010, een daling van USD 124 miljoen in verhouding tot het derde kwartaal van 2010. De daling van de totale inkomsten was het gevolg van lagere netto effectenwinsten in het vierde kwartaal van 2010 in verhouding tot het voorgaande kwartaal. De totale inkomsten, exclusief de netto effectenwinsten, namen toe met USD 16 miljoen. De netto rentemarge daalde met 5 basispunten van 4,09% tot 4,04%. Niet-rentedragende inkomsten namen af met USD 146 miljoen, voornamelijk als gevolg van lagere netto effectenwinsten in verhouding tot het derde kwartaal van 2010 en een stijging van USD 34 miljoen van verliezen en afschrijvingen van commerciële leningen aangehouden voor verkoop.

De provisie voor kredietverliezen, exclusief de gedekte leningen, voor het vierde kwartaal van 2010 nam in verhouding tot het derde kwartaal van 2010 af met USD 200 miljoen als gevolg van een verbeterend krediet. De provisie voor gedekte leningen nam toe met USD 73 miljoen, wat gecompenseerd werd door een overeenstemmende stijging van USD 58 miljoen van inkomsten uit verliesdeling door het FDIC. Netto oninbare schulden voor het vierde kwartaal van 2010 waren substantieel lager dan voor het derde kwartaal van 2010. Netto oninbare schulden voor het derde kwartaal van 2010 omvatten USD 431 miljoen gerelateerd aan de strategie voor de verwijdering van commerciële onrendabele activa in verhouding tot USD 26 miljoen voor het vierde kwartaal van 2010.

De vastgestelde provisie voor inkomstenbelastingen was USD 15 miljoen voor het vierde kwartaal van 2010 in verhouding tot USD 27 miljoen voor het derde kwartaal van 2010. Dit leidde tot een effectief belastingtarief van 6,5% voor het vierde kwartaal van 2010 in verhouding tot 11,0% voor het voorgaande kwartaal. De daling van het effectieve belastingtarief in verhouding tot het derde kwartaal van 2010 was voornamelijk te wijten aan een verandering van het verwachte jaarlijkse belastingtarief in verhouding tot het verwachte tarief op 30 september 2010.

    
    INKOMSTEN, NETTO VAN PROVISIE
     IMPACT VAN VERWORVEN ACTIVA
     (1)                                              Verandering Verandering
                                                           K4 10     K4 10
    (dollars in miljoenen)              K4    K3     K4     vs.       vs.
                                        2010  2010  2009   K3 10     K4 09
                                        ----  ----  ----   -----     -----
    
    Rente-inkomsten - leningen          $276  $261  $165     $15      $111
    Rente-inkomsten - effecten            50    23    33      27        17
        Totale rente-inkomsten           326   284   198      42       128
    Provisie voor kredietverliezen      (100)  (27)    -     (73)     (100)
    Inkomsten uit verliesdeling door 
     FDIC, netto                           -   (43)   11      43       (11)
        Netto-inkomsten na provisie
        voor kredietverliezen           $226  $214  $209     $12       $17
                                        ====  ====  ====     ===       ===
    
    (1) Geeft bedragen weer gerelateerd aan gedekte en verworven leningen,
    gedekte effecten en verliesdeling door het FDIC erkend in de 
    overname van Colonial. Exclusief alle bedragen gerelateerd aan andere
    activa en passiva overgenomen tijdens de overname.

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van vierde kwartaal 2009

Rente-inkomsten voor het vierde kwartaal van 2010 van leningen en effecten verworven in de overname van Colonial namen met USD 128 miljoen toe in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009, waarvan de meerderheid gecompenseerd wordt in de inkomsten uit verliesdeling door het FDIC. De stijging weerspiegelt hogere verwachte kasstromen gebaseerd op het driemaandelijkse herwaarderingsproces van de kasstromen dat vereist wordt door de boekhouding bij een overname. De netto rentemarge op gedekte en andere verworven leningen was 16,71% voor het vierde kwartaal van 2010 in verhouding tot 7,96% in 2009. Op 31 december 2010 bedroeg het overblijvende aanwasbare rendement op deze leningen USD 2,4 miljard. Het aanwasbare rendement stelt het toekomstige bedrag van kasstromen voor bovenop de huidige lopende netto bedragen van leningen.

De provisie voor kredietverliezen voor het huidige kwartaal nam met USD 100 miljoen dollar toe in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009, wat gecompenseerd werd door een overeenstemmende stijging van USD 80 miljoen van inkomsten uit verliesdeling door het FDIC. De provisie voor kredietverliezen vastgesteld tijdens het vierde kwartaal van 2010 weerspiegelt lagere verwachte kasstromen uit bepaalde leningpools.

Netto inkomsten uit verliesdeling door het FDIC namen in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009 met USD 11 miljoen af, voornamelijk als gevolg van de impact van de herwaardering van kasstromen die leidden tot bijkomende rente-inkomsten en provisie voor kredietverliezen.

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van derde kwartaal 2010

Rente-inkomsten uit leningen en effecten verworven door de overname van Colonial namen toe met USD 42 miljoen in het vierde kwartaal van 2010 in verhouding tot het derde kwartaal. De netto rentemarge op gedekte en andere verworven leningen voor het vierde kwartaal van 2010 was 16,71% in verhouding tot 14,77% in het voorgaande kwartaal als gevolg van de herwaardering in het vierde kwartaal. De stijging van USD 27 miljoen van de rente-inkomsten uit gedekte effecten is voornamelijk een gevolg van de veranderingen van de verwachte termijn van de onderliggende investeringen. Het grootste deel van de stijging van de rente-inkomsten wordt gecompenseerd in de inkomsten uit verliesdeling door het FDIC.

De provisie voor kredietverliezen nam toe met USD 73 miljoen als gevolg van de herwaardering in het vierde kwartaal, wat gecompenseerd werd door een overeenstemmende stijging van USD 58 miljoen van inkomsten uit verliesdeling door het FDIC.

Netto inkomsten uit verliesdeling door het FDIC namen toe met USD 43 miljoen, voornamelijk als gevolg van de impact van de herwaardering van kasstromen en veranderingen van de looptijden van de effecten die leidden tot extra rente-inkomsten en provisie voor kredietverliezen.

    
    NIET-RENTEDRAGENDE INKOMSTEN                           %           % 
                                                      Verandering Verandering              
    (dollars in miljoenen)            K4      K3    K4   K4 10 vs. K4 10  vs.
                                     2010    2010  2009    K3 10      K4 09
                                     ----    ----  ----    -----      -----
                                                        (op jaarbasis)
    Verzekeringsinkomsten            $249    $252  $260       (4,7)   (4,2)
    Servicekosten voor deposito's     143     147   186      (10,8)  (23,1)
    Hypotheekinkomsten                138     184   142      (99,2)   (2,8)
    Zakenbankactiviteiten en courtage
     en bemiddelingsvergoedingen       97      85    83       56,0    16,9
    Andere kosten en commissies
     niet voortkomende uit deposito's  68      74    64      (32,2)    6,3
    Vergoedingen checkcards            73      70    62       17,0    17,7
    Vergoedingen betaalkaarten en
     handelaarskortingen               47      45    41       17,6    14,6
    Inkomsten uit trust en 
     beleggingsadvies                  42      40    38       19,8    10,5
    Inkomsten uit levensverzekeringen
     in het bezit van de bank          31      30    25       13,2    24,0
    Netto inkomsten uit verliesdeling
     door het FDIC                      -     (43)   11        NZ   (100,0)
    Netto winst (verlies) uit effecten 99     239    (1)       NZ      NZ
    Andere inkomsten, netto           (23)    (13)   59        NZ   (139,0)
                                      ---     ---   ---
        Totale niet-rentedragende
         inkomsten                   $964  $1.110  $970      (52,2)   (0,6)
                                     ====  ======  ====
    NZ-niet zinvol

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van vierde kwartaal 2009

Niet-rentedragende inkomsten waren USD 964 miljoen voor het vierde kwartaal van 2010, een lichte daling in verhouding tot USD 970 miljoen voor het vierde kwartaal van 2009. Niet-rentedragende inkomsten haalden voordeel uit hogere nettowinsten uit effecten van USD 100 miljoen in verhouding tot de voorgaande vergelijkbare periode. Een nettowinst uit effecten van USD 117 miljoen werd vastgesteld in het huidige kwartaal in verband met BB&T's strategische risicoafbouw van de investeringsportefeuille. De niet-tijdelijke waardevermindering van effecten bedroegen USD 18 miljoen in het huidige kwartaal in verhouding tot USD 1 miljoen in het vierde kwartaal van 2009. Zakenbankactiviteiten en courtage en bemiddelingsvergoedingen voor het vierde kwartaal van 2010 behaalden een recordbedrag van USD 97 miljoen, een stijging van USD 14 miljoen of 16,9% in verhouding tot dezelfde periode van 2009. De stijging van zakenbankactiviteiten en courtage en bemiddelingsvergoedingen was voornamelijk het gevolg van verhoogde aandelenemissies door verbeterde marktomstandigheden. Vergoedingen voor checkcards en vergoedingen voor betaalkaarten en handelaarskortingen namen in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009 toe met respectievelijk USD 11 miljoen of 17,7% en USD 6 miljoen of 14,6%, voornamelijk dankzij hogere volumes. Inkomsten uit de trust en beleggingsadvies haalden ook voordeel uit verbeterde marktomstandigheden en namen in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009 toe met USD 4 miljoen of 10,5%. Servicekosten voor deposito's namen af met USD 43 miljoen of 23,1%, voornamelijk door veranderingen in BB&T's beleid op het vlak van rekening-courantkrediet die tijdens 2010 uitgevoerd werden en die gedeeltelijk als antwoord dienden op wijzigingen in de regelgeving. Hypotheekinkomsten namen af met USD 4 miljoen of 2,8% in verhouding tot dezelfde periode van 2009, door een daling van de inkomsten uit woninghypotheekactiviteiten van USD 19 miljoen, wat grotendeels een ongunstige netto wijziging van USD 13 miljoen weerspiegelt in de waardering van de rechten voor hypotheekdienstverlening en de gerelateerde hedging-activiteiten. De daling van woninghypotheekactiviteiten werd gedeeltelijk gecompenseerd door een stijging van USD 15 miljoen of 166,7% uit commerciële hypotheekactiviteiten dankzij verbeterde marktomstandigheden. Verzekeringsinkomsten namen af met USD 11 miljoen of 4,2%, wat een blijvende lage prijsstelling van premies in de sector weerspiegelt. Andere inkomsten, waaronder andere niet-deposito vergoedingen en commissies, inkomsten uit levensverzekeringen in het bezit van de bank en inkomsten uit verliesdeling door het FDIC, namen af met USD 83 miljoen in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009 als gevolg van verliezen en afschrijvingen op commerciële leningen aangehouden voor verkoop van USD 62 miljoen en een in het vierde kwartaal van 2009 vastgestelde winst van USD 27 miljoen uit de verkoop van BB&T's loonverwerkingsactiviteiten.

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van derde kwartaal 2010

Niet-rentedragende inkomsten voor het vierde kwartaal van 2010 namen af met USD 146 miljoen in verhouding tot het derde kwartaal van 2010. De daling weerspiegelt voornamelijk lagere netto effectenwinsten van USD 140 miljoen in verhouding tot het voorgaande kwartaal, USD 124 miljoen door een lagere verkoop gerelateerd aan BB&T's strategische risicoafbouw van de investeringsportefeuille en USD 16 miljoen door een hogere niet-tijdelijke waardevermindering. Zakenbankactiviteiten en courtage en bemiddelingsvergoedingen namen in verhouding tot het voorgaande kwartaal toe met USD 12 miljoen of 56,0% op jaarbasis. De stijging van zakenbankactiviteiten en courtage en bemiddelingsvergoedingen was voornamelijk het gevolg van verhoogde aandelenemissies en vastrentende emissies door verbeterde marktomstandigheden. Inkomsten uit de trust en beleggingsadvies haalden ook voordeel uit verbeterde marktomstandigheden en namen in verhouding tot het derde kwartaal van 2010 toe met USD 2 miljoen of 19,8% op jaarbasis. Vergoedingen voor checkcards en vergoedingen voor betaalkaarten en handelaarskortingen namen respectievelijk toe met USD 3 miljoen of 17,0% op jaarbasis en USD 2 miljoen, of 17,6% op jaarbasis, voornamelijk dankzij seizoensgebonden hogere volumes. Servicekosten voor deposito's namen af met USD 4 miljoen of 10,8% op jaarbasis, voornamelijk door veranderingen in BB&T's beleid op het vlak van rekening-courantkrediet die tijdens het derde kwartaal van 2010 werden uitgevoerd en die gedeeltelijk als antwoord dienden op wijzigingen in de regelgeving. Hypotheekinkomsten namen af met USD 46 miljoen in verhouding tot het voorgaande kwartaal door een daling van de inkomsten uit woninghypotheekactiviteiten van USD 52 miljoen, wat grotendeels een ongunstige netto wijziging van USD 16 miljoen weerspiegelt in de waardering van de rechten voor hypotheekdienstverlening en de gerelateerde hedging-activiteiten. Woninghypotheekactiviteiten weerspiegelen ook een daling van USD 40 miljoen door lagere winsten op magazijnleningen. De daling van woninghypotheekactiviteiten werd gedeeltelijk gecompenseerd door een stijging van USD 6 miljoen of 132,2% op jaarbasis uit commerciële hypotheekactiviteiten dankzij verbeterde marktomstandigheden. Verzekeringsinkomsten namen af met USD 3 miljoen of 4,7% op jaarbasis, wat een blijvende lage prijsstelling van premies in de sector weerspiegelt. Andere inkomsten, waaronder andere niet-deposito vergoedingen en commissies, inkomsten uit levensverzekeringen in het bezit van de bank en inkomsten uit verliesdeling door het FDIC namen in verhouding tot het derde kwartaal van 2010 met USD 28 miljoen toe. De stijging van andere inkomsten omvat een stijging van USD 43 miljoen gerelateerd aan verliesdeling door het FDIC, wat grotendeels in verband staat met verhoogde provisies voor gedekte leningen. Daarenboven omvatten andere inkomsten ook een stijging van USD 17 miljoen door een verhoogd verkoopsvolume en lagere verliezen gerelateerd aan derivatenactiviteiten van cliënten en USD 14 miljoen door een marktgerelateerde stijging van handelsactiva voor uitkeringen na beëindiging van het arbeidscontract die gecompenseerd worden door een soortgelijke stijging van de personeelskosten. De stijging van andere inkomsten werd gedeeltelijk gecompenseerd door een stijging van USD 34 miljoen van verliezen en afschrijvingen vastgesteld op commerciële leningen aangehouden voor verkoop.

    
    NIET-RENTEDRAGENDE KOSTEN                               %           % 
                                                      Verandering Verandering              
    (dollars in miljoenen)           K4     K3     K4    K4 10 vs.  K4 10 vs.
                                     2010   2010   2009    K3 10      K4 09
                                     ----   ----   ----    -----      -----
                                                        (op jaarbasis)
    Personeelskosten                 $679   $642   $650       22,9     4,5
    Kosten geëxecuteerde panden       162    167    142      (11,9)   14,1
    Bezettings- en
     uitrustingskosten                155    157    173       (5,1)  (10,4)
    Professionele diensten             92     84     77       37,8    19,5
    Reglementaire kosten               59     61     47      (13,0)   25,5
    Verwerkingskosten van leningen     45     53     34      (59,9)   32,4
    Aflossing van immateriële activa   28     30     36      (26,4)  (22,2)
    Fusiegerelateerde en
     herstructureringskosten, netto     4     10      9         NZ   (55,6)
    Andere kosten                     197    204    193      (13,6)    2,1
                                      ---    ---    ---
         Totale niet-rentedragende
          kosten                   $1.421 $1.408 $1.361        3,7     4,4
                                   ====== ====== ======
    NZ-niet zinvol

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van vierde kwartaal 2009

Niet-rentedragende kosten waren USD 1,4 miljard voor het vierde kwartaal van 2010, een stijging van USD 60 miljoen of 4,4% in verhouding tot hetzelfde kwartaal van 2009. Personeelskosten namen toe met USD 29 miljoen of 4,5%, voornamelijk als gevolg van hogere productiegerelateerde stimuleringskosten. Kosten van geëxecuteerde panden namen toe met USD 20 miljoen of 14,1% in verhouding tot hetzelfde kwartaal van 2009, voornamelijk als gevolg van hogere verliezen en afschrijvingen op geëxecuteerde panden. Niet-rentedragende kosten haalden voordeel uit een daling van bezettings- en uitrustingskosten van USD 18 miljoen, of 10,4%, voornamelijk door de consolidatie van bijkantoren na de overgang naar de systemen van Colonial Bank. Andere niet-rentedragende kosten, waaronder professionele diensten, reglementaire kosten, verwerkingskosten van leningen, aflossing van immateriële activa en fusiegerelateerde kosten en herstructureringskosten, namen toe met USD 29 miljoen of 7,3% in verhouding tot dezelfde periode van 2009. De stijging van andere niet-rentedragende kosten was gedeeltelijk het gevolg van een stijging van reglementaire kosten van USD 12 miljoen of 25,5% door hogere depositokosten en aan toezicht gerelateerde kosten. Daarenboven namen professionele diensten en verwerkingskosten van leningen toe met respectievelijk USD 15 miljoen of 19,5% en USD 11 miljoen of 32,4%. Aflossing van immateriële activa nam af met USD 8 miljoen of 22,2% door een lagere aflossing uit voorgaande overnames.

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van derde kwartaal 2010

Niet-rentedragende kosten voor het vierde kwartaal van 2010 namen in verhouding tot het derde kwartaal van 2010 toe met USD 13 miljoen of 3,7% op jaarbasis. Personeelskosten namen toe met USD 37 miljoen of 22,9% op jaarbasis. Dit omvat een stijging van USD 14 miljoen gerelateerd aan uitkeringen na beëindiging van het arbeidscontract die gecompenseerd worden door hogere niet-rentedragende inkomsten en USD 6 miljoen gerelateerd aan zorgverzekeringsuitkeringen en socialezekerheidsuitkeringen. Daarenboven namen de personeelskosten vooral voor hogere productiegerelateerde stimuleringskosten met USD 20 miljoen toe. Kosten van geëxecuteerde panden namen af met USD 5 miljoen of 11,9% op jaarbasis in verhouding tot het derde kwartaal van 2010, voornamelijk als gevolg van hogere verliezen en afschrijvingen op geëxecuteerde panden. Andere niet-rentedragende kosten, waaronder bezettings- en uitrustingskosten, professionele diensten, reglementaire kosten, verwerkingskosten van leningen, aflossing van immateriële activa en fusiegerelateerde kosten en herstructureringskosten, namen af met USD 19 miljoen of 12,6% in verhouding tot het voorgaande kwartaal. De daling van andere niet-rentedragende kosten steeg in verhouding tot het derde kwartaal van 2010, gedeeltelijk door een daling van USD 13 miljoen van verzekeringsvoorzieningen door een lager aantal vorderingen en een daling van USD 6 miljoen van fusiegerelateerde kosten en herstructureringskosten.

    
    LENINGEN EN LEASES -                                 %              %
     Gemiddelde saldi                               Verandering   Verandering
     (dollars in                                         K4 10        K4 10
     miljoenen)                 K4       K3       K4      vs.          vs.
                               2010     2010     2009    K3 10        K4 09
                               ----     ----     ----    -----        -----
                                                      (op jaarbasis)
    Commerciële leningen
     en leases              $48.044  $48.620  $49.419       (4,7)     (2,8)
    Directe particuliere
     leningen                13.770   13.867   14.379       (2,8)     (4,2)
    Verkoopsfinancierings-
     Leningen                 7.015    6.906    6.393        6,3       9,7
    Doorlopende
     kredietleningen          2.086    2.048    1.961        7,4       6,4
    Hypotheekleningen        16.974   15.828   15.452       28,7       9,8
    Gespecialiseerde
    leningen                  7.937    8.046    7.533       (5,4)      5,4
    Andere verworven
     leningen                    63       73      133      (54,3)    (52,6)
                                ---      ---      ---
       Totale leningen en
        leases aangehouden
        voor investering
        (exclusief gedekte
        leningen)            95.889   95.388   95.270        2,1       0,6
    Gedekte leningen          6.488    6.957    8.095      (26,7)    (19,9)
                              -----    -----    -----
       Totale leningen en
        leases aangehouden
        investering        $102.377 $102.345 $103.365        0,1      (1,0)
                           ======== ======== ========

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van vierde kwartaal 2009

Gemiddelde leningen aangehouden voor investering voor het vierde kwartaal van 2010 waren USD 102,4 miljard, een daling van 1,0% in verhouding tot de overeenstemmende periode van 2009. Gemiddelde commerciële leningen en leases namen af met USD 1,4 miljard of 2,8% in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009 door lagere saldi van commercieel vastgoed aangezien het management bewust de blootstelling aan vastgoedleningen met een hoog risico verlaagd heeft tijdens de economische neergang. Leningen voor woningovername en -ontwikkeling aan het einde van de periode en andere commerciële vastgoedleningen aangehouden voor investering zijn sinds 31 december 2009 respectievelijk met USD 2,4 miljard en USD 1,0 miljard afgenomen. Deze daling werd gedeeltelijk gecompenseerd door groei in commerciële en industriële leningen. De gemiddelde directe particuliere leningen voor het vierde kwartaal van 2010 namen af met USD 609 miljoen of 4,2% als gevolg van een run-off van leningen voor kavels en gronden en een lagere vraag naar woninggerelateerde kredieten tijdens het grootste deel van 2010. De gemiddelde hypotheekleningen namen toe met USD 1,5 miljard of 9,8% in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009, door de beslissing om een gedeelte van de hypotheekproductie met vaste rente over 10 tot 15 jaar en variabele rente die in het derde kwartaal van 2010 aangevat wordt, te behouden. De gemiddelde verkoopsfinanciering en doorlopende kredietleningen bleven een gestage groei vertonen; een stijging in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009 van respectievelijk USD 622 miljoen of 9,7% en USD 125 miljoen of 6,4%. De stijging van de gemiddelde verkoopsfinancieringsleningen weerspiegelt een verbetering van de prime autoleningen. Daarenboven namen de gemiddelde gespecialiseerde leningen toe met USD 404 miljoen of 5,4% doordat de meerderheid van deze nichezaken een groei kende. De totale gemiddelde leningen aangehouden voor investering omvatten in verhouding tot het vierde kwartaal van 2009 een daling van USD 1,7 miljard of 20,4% van gemiddelde gedekte en andere verworven leningen.

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van derde kwartaal 2010

De gemiddelde leningen aangehouden voor investering voor het vierde kwartaal van 2010 namen lichtjes toe in verhouding tot het derde kwartaal van 2010. De gemiddelde leningen en leases namen af met USD 576 miljoen of 4,7% op jaarbasis in verhouding tot het derde kwartaal van 2010 als gevolg van lagere saldi van commercieel vastgoed en een sterke groei van commerciële en industriële leningen doordat het management de portefeuillemix blijft diversifiëren. De gemiddelde overname- en ontwikkelingsleningen en andere commerciële vastgoedleningen aangehouden voor investering namen in verhouding tot het derde kwartaal van 2010 af met respectievelijk USD 746 miljoen en USD 389 miljoen. Deze dalingen werden gedeeltelijk gecompenseerd door een sterke groei van commerciële en industriële leningen, die toenamen met USD 559 miljoen of 6,9% op jaarbasis. De gemiddelde directe particuliere leningen namen in verhouding tot het derde kwartaal van 2010 af met USD 97 miljoen of 2,8% op jaarbasis. De gemiddelde hypotheekleningen namen in verhouding tot het derde kwartaal van 2010 toe met USD 1,1 miljard of 28,7% op jaarbasis als gevolg van de beslissing om een gedeelte van de hypotheekproductie met vaste rente over 10-15 jaar en variabele rente die in het derde kwartaal van 2010 wordt aangevat, te behouden. De gemiddelde verkoopsfinanciering en doorlopende kredietleningen bleven een gestage groei vertonen; een stijging in verhouding tot het voorgaande kwartaal van respectievelijk USD 109 miljoen of 6,3% op jaarbasis en USD 38 miljoen of 7,4% op jaarbasis. De gemiddelde gespecialiseerde leningen namen in verhouding tot het derde kwartaal van 2010 af met USD 109 miljoen of 5,4% op jaarbasis, voornamelijk als gevolg van een seizoensgebonden daling van de financiering van verzekeringspremies. De totale gemiddelde leningen aangehouden voor investering omvatten in verhouding tot het derde kwartaal van 2010 een daling van USD 479 miljoen of 27,0% op jaarbasis van gemiddelde gedekte en andere verworven leningen.

    
    LENINGEN AANGEHOUDEN VOOR VERKOOP -einde              %           %           
     van periode                                      Verandering Verandering
                                                          K4 10     K4 10
    (dollars in miljoenen)          K4     K3     K4        vs.       vs.
                                   2010   2010   2009     K3 10     K4 09
                                   ----   ----   ----     -----     -----
                                                       (op jaarbasis)
    Woninghypotheek              $3.068 $2.846 $2.524      30,9     21,6
    Commerciële hypotheek           108    163     27    (133,9)     NZ
    Commercieel                     521    824     --    (145,9)     NZ
                                    ---    ---    ---
       Totale leningen
        aangehouden voor verkoop $3.697 $3.833 $2.551     (14,1)    44,9
                                 ====== ====== ======
    NZ-niet zinvol

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van vierde kwartaal 2009

Per 31 december 2010 bedroegen de leningen aangehouden voor verkoop USD 3,7 miljard, een stijging van USD 1,1 miljard in verhouding tot USD 2,6 miljard op 31 december 2009. De stijging van de leningen aangehouden voor verkoop in verhouding tot het voorgaande jaar omvat USD 521 miljoen aan commerciële leningen die aangehouden werden voor verkoop in verband met de strategie van het management voor de verwijdering van onrendabele activa en een stijging van USD 544 miljoen of 21,6%, gerelateerd aan woninghypotheekactiviteiten als gevolg van hogere herfinancieringsactiviteiten in het vierde kwartaal van 2010 ten opzichte van het vierde kwartaal van 2009.

Op 31 december 2010 bleven de commerciële leningen met USD 980 miljoen aan verschuldigde hoofdsommen te koop aan een boekwaarde van USD 521 miljoen. Het verliespercentage tot op heden op commerciële leningen die via dit initiatief verkocht werden was 47%.

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van derde kwartaal 2010

Per 31 december 2010 bedroegen de leningen aangehouden voor verkoop USD 3,7 miljard, een daling van USD 136 miljoen in verhouding tot USD 3,8 miljard op 30 september 2010. De daling van de leningen aangehouden voor verkoop in verhouding tot het voorgaande kwartaal omvat een reductie van USD 303 miljoen aan commerciële leningen die werden aangehouden voor verkoop in verband met de strategie van het management voor de verwijdering van onrendabele activa. De daling van USD 303 miljoen van commerciële leningen aangehouden voor verkoop vertegenwoordigt ongeveer een derde van het saldo van commerciële leningen aangehouden voor verkoop op 30 september 2010. Daarenboven namen woninghypotheken aangehouden voor verkoop in verhouding tot het saldo op 30 september 2010 toe met USD 222 miljoen of 30,9% op jaarbasis.

    
    DEPOSITO'S - gemiddelde                               %            % 
     saldi                                           Verandering  Verandering
     (dollars in                                        K4 10        K4 10
     miljoenen)              K4       K3       K4         vs.          vs.
                            2010     2010     2009      K3 10        K4 09
                            ----     ----     ----      -----        -----
                                                     (op jaarbasis)
    Niet-rentedragende
     deposito's            $21.027  $20.099  $18.822       18,3      11,7
    Betaalrekeningen met
     rente                   3.682    3.482    3.419       22,8       7,7
    Andere cliënten-
     deposito's             52.578   50.458   50.623       16,7       3,9
    Depositobewijzen van
     de cliënten            22.144   25.875   32.562      (57,2)    (32,0)
                            ------   ------   ------
        Totale cliënten-
         deposito's         99.431   99.914  105.426       (1,9)     (5,7)
    Andere rentedragende
     deposito's              6.161    3.591    8.196         NZ     (24,8)
                             -----    -----    -----
        Totale deposito's $105.592 $103.505 $113.622        8,0      (7,1)
                          ======== ======== ========
    
    NZ-niet zinvol

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van vierde kwartaal 2009

Gemiddelde deposito's voor het vierde kwartaal van 2010 namen af met USD 8,0 miljard of 7,1% ten opzichte van dezelfde periode in 2009. De daling van de gemiddelde deposito's weerspiegelt de afbouw van de schuldpositie op de balans die werd uitgevoerd in het tweede kwartaal van 2010 alsook de verkoop in het eerste kwartaal van 2010 van Nevada-deposito's die overgenomen werden tijdens de overname van Colonial. De portefeuillemix is blijven verbeteren met een groei in niet-rentedragende en goedkope cliëntendeposito's en dalingen in depositobewijzen van de cliënten. De depositocategorieën met de hoogste groei voor het vierde kwartaal van 2010 ten opzichte van hetzelfde kwartaal van 2009 zijn niet-rentedragende deposito's die met USD 2,2 miljard of 11,7% toenamen; andere cliëntendeposito's, waaronder depositorekeningen op de geldmarkt, spaarrekeningen, individuele pensioenrekeningen en andere termijndeposito's namen toe met USD 2,0 miljard of 3,9%; en betaalrekeningen met rente namen toe met USD 263 miljoen of 7,7%. De andere rentedragende deposito's, voornamelijk euro-dollar deposito's en verhandelbare depositobewijzen, en depositobewijzen van de cliënten namen ten opzichte van het vierde kwartaal van 2009 af met respectievelijk USD 2,0 miljard en USD 10,4 miljard.

Vierde kwartaal 2010 ten opzichte van derde kwartaal 2010

De gemiddelde deposito's voor het vierde kwartaal van 2010 namen ten opzichte van het derde kwartaal van 2010 toe met USD 2,1 miljard of 8,0% op jaarbasis. De stijging van de gemiddelde deposito's weerspiegelt de blijvende verbetering van de algemene mix met een groei in niet-rentedragende en goedkope cliëntendeposito's en een daling van de depositobewijzen van de cliënten. De categorieën van cliëntendeposito's met de hoogste groei voor het vierde kwartaal van 2010 ten opzichte van het derde kwartaal van 2010 zijn andere cliëntendeposito's, die met USD 2,1 miljard of 16,7% op jaarbasis toenamen; niet-rentedragende deposito's, die met USD 928 miljoen of 18,3% op jaarbasis toenamen en betaalrekeningen met rente, die met USD 200 miljoen of 22,8% op jaarbasis toenamen. Depositobewijzen van de cliënten namen af met USD 3,7 miljard of 57,2% op jaarbasis ten opzichte van het derde kwartaal van 2010. Andere rentedragende deposito's namen ten opzichte van het derde kwartaal van 2010 met USD 2,6 miljard toe. Deze financieringsbronnen zijn onderhevig aan een hogere volatiliteit aangezien ze onderling verwisselbaar zijn met op korte termijn geleende middelen.

    
    KAPITAALRATIO'S (1)                                  2010          2009
                                                 K4    K3   K2    K1     K4
                                                 ---   ---  ---  ---    ---
    Op risico gebaseerd
       Tier 1 (%)                                11,8 11,7 11,7 11,6   11,5
       Totaal (%)                                15,5 15,7 15,8 15,9   15,8
    Hefboomeffect (%)                             9,1  9,3  8,9  8,7    8,5
    Kernkapitaal (%) (2)                          7,1  7,0  7,0  6,4    6,2
    Tier 1 gewone aandelen tot risicogewogen
    activa (%) (2)                                9,1  9,0  8,9  8,6    8,5
    
    
    (1)  Gereglementeerde kapitaalratio's van het huidige kwartaal zijn
    voorlopig.
    
    (2) Kernkapitaal en Tier 1 gewone aandelenratio's zijn
    non-GAAP-maatstaven. BB&T gebruikt de benaming Tier 1 gewone aandelen die
    gebruikt wordt in de SCAP-waardering om deze ratio's te berekenen. Bekijk
    de berekeningen en de redenen van het management voor het gebruik van
    deze maatstaven op bladzijde 20 van het Overzicht Kwartaalprestaties.

BB&T's kapitaalniveau op 31 december 2010 bleef hoog. De op risico gebaseerde Tier 1 kapitaalratio, de ratio kernkapitaal en de ratio Tier 1 gewone aandelen tot risicogewogen activa zijn respectievelijk 11,8%, 7,1% en 9,1% ten opzichte van respectievelijk 11,7%, 7,0% en 9,0% op 30 september 2010. De totale op risico gebaseerde kapitaalratio bedroeg 15,5% op 31 december 2010 ten opzichte van 15,7% op 30 september 2010 en 15,8% op 31 december 2009. De daling van deze ratio weerspiegelt het verlies van classificatie van reglementair kapitaal voor bepaalde uitgiftes van achtergestelde schulden die zich binnen een looptijd van vijf jaar bevinden. De hefboomkapitaalratio was 9,1% op 31 december 2010 ten opzichte van 9,3% op 30 september 2010 en 8,5% op 31 december 2009. De daling van deze ratio ten opzichte van 30 september 2010 weerspiegelt een stijging van de gemiddelde effectenbalans tijdens het vierde kwartaal van 2010 die voortkwam uit de timing van effectentransacties in verband met BB&T's strategische risicoafbouw van de investeringsportefeuille.

    
    KWALITEIT ACTIVA (1)                              Verandering Verandering
                                                              K4 10    K4 10
    (dollars in miljoenen)                K4     K3     K4      vs.      vs.
                                          2010   2010   2009  K3 10    K4 09
                                          ----   ----   ----  -----    -----
    
    Totale onrendabele activa           $3.971 $4.147 $4.172   $(176)  $(201)
    Totale leningen reeds 90 dagen
    vervallen
     en nog steeds aan het toenemen        295    286    311       9     (16)
    Totale leningen 30-89 dagen
     vervallen                           1.408  1.638  1.663    (230)   (255)
    Vergoeding voor verliezen uit
     leningen en leases                  2.564  2.567  2.600      (3)    (36)
    Totale rendabele herstructureringen
     van problematische schulden         1.476  1.639  1.070    (163)    406
    
    Onrendabele leningen en leases als
     een percentage van totale leningen
     en leases (%)                        2,64   2,82   2,71   (0,18)  (0,07)
    Onrendabele activa als een
     percentage van totale activa (%)     2,64   2,76   2,65   (0,12)  (0,01)
    Vergoeding voor verliezen uit
     leningen en leases als een
     percentage van leningen en leases
     voor investeringen (%)               2,63   2,69   2,72   (0,06)  (0,09)
    Netto oninbare schulden als een
     percentage van
     gemiddelde leningen en leases (%)
     op jaarbasis                         2,15   3,54   1,98   (1,39)   0,17
    Ratio van vergoeding voor
     verliezen uit
     leningen en leases tot netto
     oninbare leningen (keer)
     op jaarbasis                         1,20   0,74   1,34    0,46   (0,14)
    Ratio van vergoeding voor
     verliezen uit
     leningen en leases tot onrendabele
     leningen en leases voor
     investeringen (keer)                 1,19   1,30   0,98    (0,11)   0,21
    
    
    (1)  Exclusief de bedragen met betrekking tot gedekte activa en door de
    overheid gegarandeerde hypotheekleningen. Voor bijkomende informatie gaat
    u naar de voetnoten op bladzijde 14 en 16 van het Overzicht
    Kwartaalprestaties.

Totale onrendabele activa waren USD 4,0 miljard op 31 december 2010, een daling van USD 176 miljoen of 4,2% ten opzichte van 30 september 2010. Dit is het derde opeenvolgende kwartaal dat de onrendabele activa zijn afgenomen. De daling van onrendabele activa weerspiegelt de voortzetting van de strategie voor de verwijdering van onrendabele activa die werd opgestart tijdens het tweede kwartaal van 2010.

Totale rendabele herstructureringen van problematische schulden waren USD 1,5 miljard op 31 december 2010, een daling van USD 163 miljoen of 9,9% ten opzichte van 30 september 2010. Commerciële rendabele herstructureringen van problematische schulden namen af met USD 219 miljoen wat gecompenseerd werd door stijgingen doorheen de andere leningportefeuilles.

Daarenboven verbeterden de achterstallige vorderingen op leningen tijdens het vierde kwartaal van 2010. Leningen die tussen 30 en 89 dagen vervallen zijn en nog steeds toenemen, exclusief de door de overheid gegarandeerde leningen, bedroegen op 31 december 2010 USD 1,4 miljard, een daling van USD 230 miljoen of 14,0% ten opzichte van 30 september 2010 wat een weerspiegeling is van het laagste saldo sinds het eerste kwartaal van 2008. Leningen die 90 dagen vervallen zijn en nog steeds toenemen, exclusief de door de overheid gegarandeerde leningen, waren USD 295 miljoen op 31 december 2010 en bleven doorheen 2010 relatief stabiel.

Netto oninbare schulden tijdens het vierde kwartaal van 2010 waren 2,15% van de gemiddelde leningen en leases, exclusief de gedekte leningen, ten opzichte van 3,54% tijdens het derde kwartaal van 2010 en 1,98% tijdens het vierde kwartaal van 2009. Netto oninbare schulden voor het derde kwartaal van 2010 waren hoger als gevolg van oninbare schulden van in totaal USD 431 miljoen met betrekking tot de overdracht van commerciële leningen naar aangehouden voor verkoop.

Per 31 december 2010 was de vergoeding voor verliezen uit leningen en leases 2,63% van de totale leningen en leases, exclusief gedekte leningen, ten opzichte van 2,69% op 30 september 2010 en 2,72% op 31 december 2009. De daling van de vergoeding als een percentage van de totale leningen weerspiegelt een verbetering in de algemene kwaliteit van de leningenportefeuille.

Webcast inkomsten, presentatie en Overzicht Kwartaalprestaties

Bezoek onze website http://www.BBT.com om vandaag om 8u EST een live webcast te beluisteren van het conferentiegesprek over BB&T's inkomsten in het vierde kwartaal van 2010. Tijdens het conferentiegesprek over de inkomsten zal een presentatie worden gegeven die op onze website beschikbaar gesteld zal worden. Een opname van het conferentiegesprek zal tot vrijdag 4 februari beschikbaar zijn op de website van BB&T of kan tot woensdag 26 januari 2011 beluisterd worden op 1-888-203-1112 (toegangscode 4313363).

Voor toegang tot de webcast en presentatie, inclusief een bijlage met non-GAAP verklaringen, bezoekt u http://www.BBT.com en klikt u op "About BB&T" en gaat u verder naar "Investor Relations". De link naar de webcast staat onder "Webcasts" en de presentatie staat onder "View Recent Presentations".

Het Overzicht Kwartaalprestaties van BB&T voor het vierde kwartaal van 2010, dat de gegevens bevat van de financiële programma's, is beschikbaar op de website van BB&T op http://www.BBT.com/financials.html.

Over BB&T

Per 31 december 2010 is BB&T een van de grootste financiële holdingmaatschappijen in de VS met USD 157,1 miljard aan activa en een marktkapitalisatie van USD 18,3 miljard. Het bedrijf, dat gevestigd is in Winston-Salem, Noord Carolina, is werkzaam via ongeveer 1800 financiële centra in 12 staten en Washington D.C. en biedt een volledig assortiment aan particuliere en commerciële bankzaken, effectenbemiddeling, activabeheer, hypotheek- en verzekeringsproducten en -diensten. BB&T, een Fortune 500 bedrijf, wordt door J.D. Power and Associates, de U.S. Small Business Administration, Greenwich Associates en anderen erkend voor uitstekende klanttevredenheid. Meer informatie over BB&T en haar volledige assortiment aan producten en diensten kunt u vinden op http://www.BBT.com.

Dit nieuwsbericht bevat prestatiemaatstaven die worden bepaald door methoden die niet in overeenstemming zijn met de boekhoudbeginselen die algemeen aanvaard zijn in de Verenigde Staten ("GAAP"). Het management van BB&T gebruikt deze non-GAAP-maatstaven in hun analyse van de bedrijfprestatie. Het management van BB&T gebruikt deze maatstaven om de onderliggende prestatie en doeltreffendheid van hun activiteiten te evalueren. Ze zijn van mening dat deze non-GAAP maatstaven een beter begrip zullen leveren van lopende activiteiten, de vergelijkbaarheid van resultaten met die uit voorgaande perioden zullen verbeteren en de gevolgen zullen aantonen van aanzienlijke winsten en kosten in de huidige periode. Het bedrijf denkt dat voor een betekenisvolle analyse van de financiële prestatie begrip nodig is van de factoren die ten grondslag liggen aan die prestatie. Het management van BB&T gelooft dat beleggers deze non-GAAP financiële maatstaven kunnen gebruiken om de financiële prestatie te analyseren zonder de invloed van bijzondere onderdelen die trends in de onderliggende prestatie van het bedrijf kunnen verbergen. Deze onthullingen dienen niet beschouwd te worden als vervanging voor financiële maatstaven zoals bepaald in overeenstemming met GAAP, noch zijn ze noodzakelijkerwijze vergelijkbaar met non-GAAP prestatiemaatstaven die misschien door andere bedrijven naar voren worden gebracht. Kernkapitaal en Tier 1 gewone aandelenratio's zijn non-GAAP-maatstaven. BB&T gebruikt de definitie voor Tier 1 gewone aandelen die gebruikt wordt in de SCAP-waardering voor de berekening van deze ratio's. Het management van BB&T gebruikt deze maatstaven om de kwaliteit van kapitaal te beoordelen en het gelooft dat ze handig zijn voor beleggers in hun analyse van het bedrijf. Deze kapitaalmaatstaven zijn niet noodzakelijkerwijze vergelijkbaar met soortgelijke kapitaalmaatstaven die door andere bedrijven naar voren worden gebracht. De activakwaliteitsratio's zijn aangepast om het effect van overgenomen leningen en geëxecuteerde panden die worden gedekt door verliesdelingsovereenkomsten met het FDIC weg te nemen aangezien het management gelooft dat meetelling zou resulteren in een vertekend beeld van deze ratio's en wellicht niet vergelijkbaar is met andere periodes of met andere portefeuilles die geen effect ondervonden van aankooprekeningen.

Dit persbericht bevat enige toekomstgerichte verklaringen in de zin van de Private Securities Litigation Reform Act van 1995. Deze verklaringen kunnen over zaken gaan die aanzienlijke risico's, onzekerheden, schattingen, en aannames door het management bevatten. Werkelijke resultaten kunnen afwijken van huidige verwachtingen. Raadpleeg de informatie gedeponeerd door BB&T bij de Securities and Exchange Commission voor een overzicht van belangrijke factoren die van invloed kunnen zijn op BB&T's toekomstgerichte verklaringen. BB&T neemt geen verplichting op zich deze verklaringen bij te werken na de datum van dit persbericht.

BRON BB&T Corporation