Internationaal Cyclosporine-onthoudingsonderzoek toont verminderde incidentie van tumoren aan bij patiënten die Sirolimus innemen

13 Nov, 2005, 16:45 GMT Van Medical University of Vienna

PHILADELPHIA, November 13 /PRNewswire/ -- Uit gegevens van een internationaal, door meerdere centra uitgevoerd onderzoek dat vandaag is gepresenteerd op de jaarvergadering van de American Society of Nephrology, blijkt dat de incidentie van huidtumoren en andere soorten tumoren vijf jaar na een niertransplantatie aanmerkelijk is verminderd bij patiënten die sirolimus(Rapamune)therapie ontvangen na een vroegtijdige cyclosporine-onthouding. Deze analyse was een onderdeel van het Rapamune Maintenance Regimen-onderzoek(RMR)de grootste willekeurige studie naar cyclosporine-onthouding die totnogtoe gehouden is.

Kwaadaardige tumoren zijn tegenwoordig de belangrijkste oorzaken van morbiditeit voor ontvangers van organen en immunosuppressietherapie is daarvan de meest waarschijnlijke oorzaak. "We moeten weten hoe we dit probleem moeten aanpakken," zei Rainer Oberbauer, arts, hoogleraar medicijnen aan de Medische Universiteit van Wenen, Allgemeines Krankenhaus van Wenen, Oostenrijk, een belangrijk onderzoeker. "Een van de doelen van het onderzoek is ons te helpen methodes te ontwikkelen die de incidentie van kwaadaardige tumoren onder deze groep verkleint."

Vergeleken met de bevolking van de Verenigde Staten in het algemeen hebben patiënten drie jaar na een niertransplantatie ongeveer 90 maal zoveel kans op niet kwaadaardige huidtumoren en zes maal zoveel kans op melanomen.

Sirolimus is de eerste in een nieuwe categorie immunosuppressoren, die in tegenstelling tot cyclosporine in de experimentele fase heeft bewezen de groei van tumoren af te remmen. Uit recente publicaties is gebleken dat deze eigenschap waarschijnlijk ook van toepassing is op menselijke ontvangers van organen. Een retrospectief onderzoek van het gegevensbestand van het UNOS (United Network for Organ Sharing)dat in oktober 2005 is gepubliceerd, toont aan dat bij 33.000 ontvangers van een donornier de kans op het ontwikkelen van postoperatieve kwaadaardige tumoren bij patiënten die continu immunosuppressoren met mTOR-remmers kregen toegediend, aanmerkelijk was verkleind in vergelijking met degenen die de traditionele calcineurin-remmers kregen toegediend.

De resultaten van het RMR-onderzoek

In het RMR- onderzoek zijn vierhonderddertig patiënten uit Europa, Australië en Canada drie maanden na hun niertransplantatie willekeurig geselecteerd om met de siromustherapie in combinatie met cyclosporine verder te gaan of om juist te stoppen met cyclosporine. De gegevens van alle huidtumoren en andere tumoren die gedurende vijf jaar werden gemeld, zijn geanalyseerd.

De ontwikkelingstijd van de eerste huidtumor was gemiddeld met 53 maanden vertraagd en het relatieve risico op huidtumoren was bij de patiënten die het Rapamune Maintenance Regimen hadden ingenomen, gedaald met 65 procent. Na vijf jaar hadden achttien patiënten die Rapamine met cyclosporine hadden ingenomen en acht patiënten die waren gestopt met cyclosporine, andere tumoren ontwikkeld.

Deze analyse is een van een reeks databeoordelingen die met betrekking tot het RMR-onderzoek zijn gehouden. Andere analyses tonen aan dat het mogelijk is om een verbeterde nierfunctie te verkrijgen en dat de kansen om een transplantatie te overleven aanmerkelijk toenemen als er gestopt wordt met cylosporine.

Het RMR-onderzoek is mogelijk gemaakt door een subsidie van het farmaceutisch bedrijf Wyeth.

BRON Medical University of Vienna